|
Het ministerie van financiën heeft bij ministeriële regeling goedgekeurd dat ondernemers investeringen in bedrijfsmiddelen over 2009 en 2010 willekeurig, vervroegd kunnen afschrijven. Deze faciliteit bedraagt maximaal 50% per jaar en is uitsluitend van toepassing op nieuwe bedrijfsmiddelen.
Door extra af te schrijven op de aangewezen bedrijfsmiddelen kunnen ondernemers de fiscale winst over 2009 en 2010 drukken, en zo de belastingaanslag beperken. De (her)invoering van de willekeurige afschrijving is ingeven door de kredietcrisis: de overheid wil met deze ingreep de liquiditeitspositie van ondernemers versterken. Deze gunstregeling kan worden toegepast door ondernemers met een eenmanszaak én door BV's . Er zijn meerdere bedrijfsmiddelen uitgesloten van de willekeurige afschrijving.
Deze nieuwe willekeurige afschrijving levert ondernemers met een BV slechts een bescheiden belastingbesparing op, vanwege het ook voor 2009 en 2010 weer verlaagde Vpb-tarief. Ondernemers met een BV in de MKB-sector kunnen investeringen in nieuwe bedrijfsmiddelen beter onderbrengen in een IB-onderneming die zij naast hun BV opzetten. Die opzet levert meer en ook eerder een belastingbesparing op. Zeker als de ondernemer in de IB-onderneming weer als startende ondernemer aangemerkt kan worden. Hij kan dan de willekeurige afschrijving voor starters benutten. Deze is ruimer dan de nieuwe regeling:de willekeurige afschrijving als starter geldt voor alle bedrijfsmiddelen die in aanmerking komen voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. De opzet van een BV plus IB-onderneming is profijtelijk omdat:
� de (versnelde) afschrijving wordt afgezet tegen het per definitie hogere IB-tarief; � indien en voorzover de versnelde afschrijving tot een verlies leidt, geldt daarvoor een carry-backtermijn van drie jaar (in plaats van één jaar bij de BV); � bij carry-back kan de belasting over het salaris uit de BV in voorgaande jaren (deels) worden teruggehaald (en worden aangewend ter betaling van de verworven bedrijfsmiddelen).
Deze opzet kan ook worden benut voor bedrijfsmiddelen die al eerder door de BV in gebruik zijn genomen en die aan de IB-onderneming worden overgedaan. En ook voor bijvoorbeeld een pand dat onder de terbeschikkingstellingsregeling valt en door de aanpassing van de rechtsvorm van de bedrijfsactiviteiten tot het verplichte ondernemingsvermogen van de IB-onderneming gaat behoren.
De combinatie van BV plus IB-onderneming kan tot stand worden gebracht door de DGA een firma met zijn BV te laten aangaan of door een deel van de bedrijfsactiviteiten van de BV eenvoudigweg over te dragen naar een nieuwe IB-onderneming. Een dergelijke bedrijfsoverdracht kan vrijwel altijd fiscaal geruisloos tot stand worden gebracht (informeer bij onze fiscalist), maar mogelijk is afrekening in de BV over stille reserves in bedrijfsmiddelen verkieslijker: tegenover de afrekening in de BV van 20% (of maximaal 25,5%) staat een afschrijving in de IB-onderneming tegen een per definitie hoger tarief. Bij de laatste variant ontstaat bij de overnemende IB-ondernemer een schuld aan de BV (met een renteaftrek in de IB-onderneming tegen een hoger tarief dan de BV daarover verschuldigd is). Van Meijl Freriks kan u hierbij het juiste advies geven,
Bron: belastingbelangen
|